Health Professional - Nieuws - 25-06-2009:
«TerugProbiotica plus prebiotica: meer dan 1+1 Beintema, Nienke Een combinatie van pre- en probiotica werkt soms beter dan elk van deze componenten afzonderlijk. Dat concludeert promovendus Bastiaan Schouten. Hij publiceerde hierover onlangs een artikel in het Journal of Nutrition, en hoopt in november te promoveren. Koemelkallergie is de meest voorkomende allergie bij jonge kinderen. De diagnose wordt gesteld bij zo’n 3 tot 5 procent van de baby’s in westerse landen. Er is momenteel geen behandeling mogelijk. Er zijn echter steeds meer aanwijzingen dat pre- en probiotica een rol kunnen spelen bij het voorkomen van allergieën. Een van de mensen die hieraan werken is Bastiaan Schouten, promovendus bij de afdeling Farmacologie en Pathofysiologie van de Universiteit Utrecht, die nauw samenwerkt met Danone Research – Centre for Specialised Nutrition. Schouten kijkt met name naar de combinatie van pre- en probiotica, de zogenaamde synbiotische benadering. "Er zijn studies gedaan naar het effect van Immunofortis®," legt hij uit. "Dat is een specifieke combinatie van bepaalde oligosacchariden. Immunofortis® vermindert eczeem bij zuigelingen, verbetert het profiel van immunoglobulinen bij baby’s jonger dan zes maanden en vermindert infecties op een- en tweejarige leeftijd." Muismodel De toegevoegde waarde van zijn eigen onderzoek, zo vertelt hij, is dat het probiotica betrekt bij dit soort studies. "Er zijn meerdere studies geweest die keken naar synbiotische effecten," zegt hij, "maar die verschilden nogal in hun methodologie. Daarom is het moeilijk om de resultaten te vergelijken en te generaliseren." Schoutens onderzoek wijst uit dat de combinatie meer oplevert dan de som der delen. "Dit type onderzoek is nog relatief nieuw," zegt hij, "en daarom testen we het effect van verschillende behandelingen op muizen. We weten echter dat er dusdanige overeenkomsten zijn tussen het immuunsysteem van muizen en dat van mensen dat we de basale resultaten kunnen vertalen naar de menselijke situatie." Schouten onderzocht muizen die allergisch waren gemaakt tegen koemelk. "We keken naar verschillende parameters om de allergische reactie op een prikkeling te meten, bijvoorbeeld een evaluatie van shocksymptomen, de zwelling in de oren en immunologische parameters." Mechanisme Schouten ontdekte dat de prebiotica in combinatie met het probioticum Bifidobacterium breve M16-V een groter matigend effect had op de allergische reactie dan elk van de componenten afzonderlijk. "Zowel shock als zwelling waren beduidend minder als er zowel pre- als probiotica werden toegediend," vertelt hij, "hoewel dit niet tot uitdrukking kwam in significante verschillen in de ‘slechte’ immunoglobulines IgE en IgG1. Er waren echter wel duidelijk meer van de ‘goede’ immunoglobulines IgA en IgG2a. Die binden aan koemelkeiwitten en maken ze daardoor onschadelijk." Schouten merkt op dat verder onderzoek mogelijke andere probioticakandidaten kan opleveren. Tot nu toe gebruikte hij alleen B. breve M16-V vanwege eerdere positieve resultaten. "Ten slotte," zegt Schouten, "zouden we verder willen kijken naar het onderliggende mechamisme. Hoe kan het dat die combinatie effectiever is? Onderzoek naar de functie van regulatoire T-cellen kan daar misschien meer licht op werpen." Meer informatie: Artikel in het Journal of Nutrition (mei 2009) |