Probiotica en cariës

Streptococcus mutans en in mindere mate Streptococcus sobrinus zijn de belangrijkste veroorzakers van cariës (tandbederf). Deze bacteriën vormen grote hoeveelheden zuur, vooral melkzuur. De bron hiervoor zijn koolhydraten uit voedselresten die achterblijven in de mond. Plaatselijk kunnen deze zuren de pH in de mond zo sterk verlagen, dat er demineralisatie van het tandglazuur plaatsvindt. Als het speeksel onvoldoende tijd krijgt om te zorgen voor remineralisatie, kan dit uiteindelijk een gaatje veroorzaken. Bijna alle volwassenen hebben wel eens cariës in het gebit gehad; slechts 2% heeft een cariësvrij gebit (RIVM). Van de 9-jarige kinderen heeft 32% al cariës in het blijvende gebit gehad.

Gedacht wordt dat probiotica de schadelijke Streptococcen in de mond kunnen verdringen. Probiotica met Lactobacillen en Bifidobacteriën blijken inderdaad in staat om het gehalte aan Streptococcus mutans in het speeksel te verlagen. Van 7 placebo-gecontroleerde studies laten 6 dit effect zien (Twetman, 2008). Een van deze studies is uitgevoerd onder bijna 600 kinderen van 1 tot 6 jaar. Gedurende 7 maanden kregen zij 5 dagen per week bij de maaltijd ofwel een probiotische zuiveldrank (Lactobacillus rhamnosus GG) ofwel melk. Consumptie van probiotica bleek de kans op cariës significant te verlagen met bijna 50% (Näse, 2001). Het effect was vooral duidelijk bij 3 en 4 jarige kinderen. De onderzoekers concluderen dan ook dat probiotica gunstig kunnen zijn voor de mondgezondheid van kinderen.




«Terug